DIT WAS ONS 2020!

De allerlaatste dag van 2020. Het jaar is voorbij. En wat voor een was het. Echt bizar. Ik denk dat niemand zich bij voorbaat had kunnen bedenken dat het zo’n jaar zou worden. Zo anders dan alles wat we kenden. Een jaar wat nog redelijk normaal leek te beginnen maar al snel een bizarre wending kreeg en een soort idiote achtbaan werd waar geen eind meer aan bleek te komen. Waar we aanvankelijk nog min of meer hoopten, misschien ook dachten – lichtelijk naïef blijkt nu – dat het eind van het jaar allemaal wel weer normaal zou zijn, is het nu eind van het jaar, zitten we in een lockdown en is de vraag wat normaal eigenlijk nog is en heb ik geen flauw benul van wanneer de storm weer zal gaan liggen. Niemand niet, denk ik. Dat het zijn weerslag heeft op iedereen moge duidelijk zijn. Dat er mensen zijn die niet te doen hard geraakt zijn door deze crisis ook. En dat is zo schrijnend, want niemand kiest hiervoor en toch vallen er in de éne hoek hardere klappen dan in de andere. Wij hebben tot op heden geluk gehad. Dat voelt zo stom om te zeggen, maar zo is het wel. Ik neem je mee in ons 2020.

Eigenlijk was 2020 voor ons juist een heel mooi jaar. Het begon fijn, en werd eigenlijk alleen maar mooier. We namen ons vorig jaar voor om de feestjes en leuke dingen er dit jaar in te houden en tot half maart lukte dat aardig. Een feestje in Düsseldorf begin januari, de vrijdagavonden samen een hapje eten als de jongens in bed lagen en we oppas in huis hadden, carnaval eind februari als klapper. Eindklapper, bleek meteen diezelfde week nog toen het coronanieuws zich begon te verspreiden en juist die carnaval waar we zo volle bak van genoten hadden met onze vrienden om ons heen de brandhaard van een hele hoop ellende bleek te zijn geweest. Ik weet nog dat we helemaal in het begin dachten: ‘het zal wel loslopen’. En ‘het is vast zo weer voorbij’. Maar al vrij snel bleek dat dat allerminst het geval zou gaan zijn. Ergens halverwege maart werd de intelligente lockdown afgekondigd, en hoe bizar die periode ook was, ik vond het, voor ons persoonlijk, ook een heel mooie tijd. Koen werkte zo ongeveer alleen maar vanuit huis, maakte ineens veel meer van de jongens mee en werd veel meer onderdeel van ons dagelijkse leven. Ik zeg het er iedere keer bij, dus ook nu: ik vond en vind de situatie verschrikkelijk, ben me ontzettend bewust ben van het feit dat er zo veel mensen zijn in vitale beroepen die überhaupt geen keuze hebben en door moeten om voor alle mensen te zorgen die het nu zo hard nodig hebben en dat er heel veel gezinnen zijn die om welke reden dan ook ontzettend lijden onder de omstandigheden zoals ze zijn, maar mij heeft het ook veel gebracht. Een rust die ik van mezelf niet kende.

Natuurlijk baalde ik ook van alle feestjes en toestanden waar ik me zo op verheugde, van dat we de verjaardag van Morris begin mei niet groot konden vieren, en vond ik het heel naar en verdrietig dat opa er zo ziek van was en we hem op zijn verjaardag geen knuffel konden geven. Maar ik vond tegelijkertijd, hoe cru het ook klinkt, heel veel rust in mezelf. Thuis, met Koen en de jongens om me heen. Ik ben altijd bezig, sta altijd aan, vind het heerlijk om van alles te ondernemen en de hort op te gaan, maar dat dat destijds juist niet kon bracht ook een bepaalde kalmte die ik eigenlijk de afgelopen jaren nooit voelde. Ik vond werk met de kinderen om me heen ook echt wel eens een opgave en ik was het heus net zo goed af en toe maximaal beu, maar ik was eigenlijk allang blij dat het allemaal zo kon. En, en dat vond ik echt een heel mooie les: we kwamen er ook achter dat we eigenlijk niet zo veel nodig hebben. Als we maar samen zijn. Dat we genoeg hebben aan thuis en elkaar. Als alle ruis wegvalt en de hoeveelheid externe factoren tot een minimum beperkt wordt, wordt ook duidelijk wat écht belangrijk is, en wat bijzaak. Dat heb ik in die periode heel sterk ervaren. 

Begin mei werd Morris vier. Vond ik écht een heel grote mijlpaal. Ons eerste kind naar de basisschool. Ging allemaal door de omstandigheden ook anders dan het normaal zou zijn gegaan, en op zijn eerste dag brachten we hem niet samen naar zijn klas maar zwaaiden we hem gedag vanaf het schoolplein. Ik had me daar bij voorbaat mega druk over gemaakt, vond het héél spannend en vroeg me ook heel erg af hoe Morris erop zou reageren, maar hij bleek écht toe aan school. Hij huppelde letterlijk naar binnen en was de eerste paar dagen not amused dat hij maar een halve dag mocht en zijn klasgenootjes een hele. Toen wisten wij: het is goed zo. Het loslaten is begonnen. Eenmaal die  drempel over bleek dat ik het hele ding een stuk groter had gemaakt dan het was. Ik vind het nog steeds ‘n soort van heftig dat we gewoon een basisschoolkind hebben, maar meer in de zin van ‘waar is de tijd gebleven?’ dan dat ik er echt moeite mee heb hem te laten gaan. Morris vindt school écht een feestje, de geluiden die we van daar horen zijn alleen maar positief en hij heeft heel veel vriendjes en vriendinnetjes. We brengen hem vanaf de allereerste dag lachend weg en dat is eigenlijk echt een feestje.

Niet heel lang na Morris’ start op de basisschool kwam onze wens uit: ik raakte weer in verwachting. Hoewel de eerste weken af en toe zenuwslopend waren en ik toch een grotere knauw bleek te hebben gekregen van mijn miskramen dan ik aanvankelijk dacht, was er ook zo veel blijdschap. Iedereen die ons de afgelopen jaren volgde weet hoe graag we dit wilden en hoe ontzettend gewenst deze zwangerschap was en is. Vooral toen het eerste trimester voorbij was, dat viel  ook nog precies samen met onze zomervakantie op Mallorca, begon voor mij écht het grote genieten. De knop ging om, het vertrouwen in mijn lijf en in de baby groeide met de dag, we waren daar tweeënhalve week écht samen: zo’n gelukkige periode van dit jaar. Een paar dagen nadat we terugkwamen hoorden we tijdens een echo  dat er een meisje in mijn buik groeit. We gingen met z’n vieren, en ook dat moment: zó mooi. De beleving bij de jongens, de reactie van die twee toen de roze lampjes aangingen: echt onbetaalbaar. We besloten het geslacht nog even voor onszelf te houden, om eraan te wennen, om het te laten landen, en dat was heerlijk. Nog heel even alleen van ons.

Even later in augustus ging Koen op voor zijn derde WFT examen. Met succes. Had hij van maart tot augustus full time gewerkt en ondertussen drie opleidingen gedaan én gehaald. Ik was  niet normaal trots. En opgelucht ook, want al die maanden overdag werken en álle avonden  leren hadden er best in gehakt. Was overigens allemaal snel vergeten, want met het behalen van dat laatste diploma kreeg hij ook groen licht om te starten met zijn nieuwe baan. Na al die jaren werkten we gevoelsmatig toch nog ‘ineens’ niet langer samen voor dezelfde werkgever (al werken we wel samen voor mijn bedrijf dat eigenlijk ons bedrijf is). Koen had een paar weken vrij, en eind van de maand werd Benjamin drie. Een feestje vieren was nog steeds geen optie; in plaats daarvan gingen we met de fam naar de Efteling. Ook dat: zo’n mooie herinnering. Zo leuk hoe de jongens genoten.  Hoe het echt hun dag was.  Hoe wij ons weer kind voelden. Een om te blijven koesteren.

September was de maand van nieuw begin. Koen startte bij zijn nieuwe werkgever en ik kreeg er een heel andere man voor terug. Minder stress, minder spanning; het bleek al vrij snel de goede keuze te zijn geweest, hoe lastig het aanvankelijk ook was. En dat blijkt nog steeds iedere dag. We waren in al die jaren zo gewend geraakt aan een bepaald stramien waar we samen in zaten; omschakelen naar een heel ander ritme had best een ding kunnen zijn, maar dat was het eigenlijk helemaal niet. We hebben ineens ochtenden samen, ontbijten met z’n vieren en hij kan de jongens vaak naar school brengen waar hij voorheen al vroeg de deur uit was. Daarvoor in de plek is hij nu ‘s avonds regelmatig weg voor afspraken, maar dan breng ik de jongens naar bed en ga ik daarna zelf ook nog even aan het werk tot hij terug is; op één of andere manier lijkt dit beter bij ons te passen. Ik was, en ben, eigenlijk vooral heel opgelucht om hem zo in zijn element te zien. Dat is onbetaalbaar.

Diezelfde maand ging Benjamin ook voor het eerst naar de nieuwe peuterspeelzaal. We weten allemaal hoe ‘n fiasco dat eerder was met afscheid nemen, maar nu hij op dezelfde locatie zou zijn als  Morris zei hij zelf dat hij echt naar school wilde. De eerste week leek dat inderdaad van een leien dakje te gaan, maar de week daarna was het opnieuw heel veel verdriet. We vonden godzijdank heel snel een manier waarop we dat afscheid gemakkelijker konden maken – als de leidster zei dat hij echtttt niet moest lachen met binnenkomst was dat natuurlijk precies wat die eigenwijze draak wel ging doen – en vanaf dat moment is hoofdstuk peuterspeelzaal een positief verhaal. Ik kan niet eens zeggen hoe fijn ik dat vind. Heb echt af en toe jankend in de auto gezeten als ik hem begin van ‘t jaar achter moest laten terwijl hij de tent afbrak en ik was ook vooral opgelucht toen we besloten het niet meer te doen. Dat hij nu zelf aangaf dat hij naar school wilde en inmiddels met zoveel plezier gaat was voor ons de bevestiging dat we het goed gedaan hebben. Hij had gewoon wat langer nodig, en wat meer vertrouwen, en dat is prima. Zijn tempo.

Eind oktober begon de verbouwing van de bovenverdiepingen die aanvankelijk nog best wat voeten in de aarde had, vooral gedoe en gezeik, maar uiteindelijk in eigen beheer toch kon starten. Dat bleek een superbeslissing, ook redelijk noodgedwongen vanwege de tijdsdruk waar we, door dikke pech en externe factoren ondanks dat we ver voor de zomer al actie ondernamen, toch nog mee te maken kregen. Het laatste weekend van oktober vertrokken we met z’n vieren naar papa en mama waar we uiteindelijk vijf weken woonden terwijl het thuis onder handen genomen werd. Papa en de vader van Mees hebben samen zo bizar veel werk verricht, onze handige Mees was er heel veel, vrienden kwamen helpen met slopen en vloer leggen en kasten bouwen, mama was er voor de jongens als wij weer bezig waren, de schilder maakte alles nog veel mooier dan we überhaupt hadden kunnen bedenken: het zat zo goed als alleen maar mee. En dus konden we het eerste weekend van december weer terug naar huis. Naar een zo goed als af huis waar we alleen de laatste dingen nog hoefden – en hoeven – te doen. Inmiddels de 30-wekengrens ruim gepasseerd gaf dat zo veel rust. Echt, de last van mijn schouders toen we weer thuiskwamen kan ik je niet eens uitleggen. Toen het qua werk ook eindelijk iets rustiger werd, net voor Kerst, kwam ik weer een beetje op adem en volgde het besef; over een maand zijn we met z’n vijven.

Over werk gesproken: 2020 werd mijn beste jaar ooit, zakelijk. Dat wat in 2015 begon als hobby, in 2018 mijn bedrijf en in 2019 al een behoorlijke parttime baan werd, groeide in 2020 tot iets waarvan ik nooit dacht dat het mogelijk zou zijn. Niet voor mij. Maar dat bleek het wel te zijn. Ik ging meer vloggen, werkte met vaste fotografen om de kwaliteit van mijn content te verbeteren, mocht samenwerken met merken als Wehkamp en Bol.com, vaste partners als Kapten&Son en Plein bleven ook dit jaar hangen en vanaf oktober is er een management wat me heel veel uit handen neemt omdat het voor mij alleen naast mijn andere werk niet meer te behappen was. Nooit nooit nooit had ik kunnen bedenken dat dat waar ik jaren zoveel tijd in stak gewoon puur en alleen omdat ik het héél erg leuk vind op den duur een zakcentje op ging leveren, en inmiddels verantwoordelijk is voor een significant deel van ons inkomen, en hoewel aantallen volgers niet meer zoveel zeggen – interactie is veel waardevoller dan dat ene cijfer op je profiel – vond ik het toch heel leuk dat dat nummertje in 2020 meer dan verdubbelde tot bijna 40.000, en er ondertussen ook op mijn site iedere maand nog steeds zo’n 40.000 unieke bezoekers langs kwamen. Was het dan allemaal alleen maar leuk, dat werk? Welnee. Zoals altijd als je onderneemt ging ik ook dit jaar op mijn gezicht, maakte ik fouten, pakte ik één en ander niet helemaal handig aan, werd ik bedonderd en maakte ik keuzes die ik later bij moest sturen. Maar dat hoort erbij en maakt het wel een heel mooi leerproces. Ik had nooit gedacht dat het überhaupt zover zou komen. En bij de dingen aan de kant van bedrijfsvoering kwam dan aan de andere kant ook de keerzijde van social media terug, met de lelijke berichtjes, gemene reacties en zieke woorden die kennelijk bij dit werk horen maar daarmee nog steeds best een beetje kut zijn. Ik leerde ze dit jaar beter te parkeren, koos ervoor niet meer alles te lezen en kwam sterker in mijn schoenen te staan. Dat moet wel, om dit te kunnen blijven doen (klik hier even voor een artikel wat ik in 2019 schreef over online pesten). Ik wilde me het plezier niet langer laten ontnemen en dat lukte. Sterker nog: ik vond het dit jaar leuker dan ooit. Er waren zo veel waardevolle gesprekken in DM, vrouwen die hun hart luchtten, die herkenning vonden in mijn verhalen, veel specifiek ook in die over de miskramen, respectvolle discussies met oog voor het standpunt van ander, constructieve feedback, eindeloos veel lieve berichten en fijne contacten. Dat overheerst.

Een aantal doelen die ik in 2019 stelde werden behaald. Het huis werd afgemaakt, mijn bedrijf groeide en ik raakte in verwachting. En dat slokte meteen al mijn tijd en aandacht op. Ik begon ook met een tweede platform, meer gericht op sport, maar dat kwam op z’n gat te liggen toen ik zwanger raakte. Wel met het plan en heel veel zin om dat volgend jaar weer op te pakken. Ik schreef eind 2019 ook dat ik de site graag in een nieuw jasje wilde, maar dat schoof ik verder vooruit, net als een project met Robin en een start aan het boek wat ik al jaren graag wil schrijven. De ideeën daarover worden steeds concreter, maar wanneer het er echt van komt: ik weet het niet. Een boek over het moederschap wordt het voorlopig in ieder geval niet; ik ben pas vier jaar moeder en heb het allesbehalve uitgevonden. Daarover schrijven laat ik aan mensen die er echt verstand van hebben. Ik bedacht vorig jaar ook dat ik een opleiding wilde doen, maar dat was op z’n zachtst gezegd redelijk optimistisch en bleek veel teveel van het goede. Ook prima; álles kan nou eenmaal niet, en het was goed zo.

En dan is het jaar nu voorbij. Wat een jaar. Ik wil jullie ook vanaf deze plek nogmaals heel erg bedanken voor dat je er was. Dat je er bent. Sinds dit jaar, al een aantal jaar op rij, of pas sinds gisteren. Uitgesproken of in stilte. Ik vond 2020 een heel mooi, bijzonder en intens jaar, en sluit het heel gelukkig af, 35 weken zwanger van onze dochter, met mijn fantastische mannen om me heen. Dat is waar het echt om draait. Ik verheug me op 2021. Op de komst van ons derde kindje. Op nieuw leven. Op ons gezin van vijf. Op nieuwe kansen en uitdagingen. Ik wens dat het voor jou een prachtig jaar zal worden, in goede gezondheid en vol liefde. Dat je dromen, groot of klein, uit mogen komen. Dat het jou en alle mensen waar je van houdt goed zal gaan.

Een fijne jaarwisseling, en tot in 2021!

Heel veel liefs, Michelle

 

 

Neem contact met mij op!

Ik ben er momenteel even niet. Stuur me een berichtje en ik kom er zo snel mogelijk bij je op terug!

Not readable? Change text. captcha txt
error: Content is protected!